Hoe een klein jochie een ambitieuze kerel werd

Op 22 oktober 1964 werd de kleine Gerardus Wilhelmus Jacobus van Grunsven geboren in het ziekenhuis van Oss. Het was voor zijn ouders het tweede kind en hun eerste zoon. Vader Sjaak, de bekende varkenshandelaar uit Herpen, en zijn vrouw wisten op dat moment nog niet dat de ziekte hemofilie erfelijk was. Pas toen Gerald ongewoon veel blauwe plekken bleek te hebben (wat niet door billenkoek ontstond) gingen er belletjes rinkelen.

Toen zijn ouders de dokteren ervan overtuigd hadden dat de blauwe plekken niet werden veroorzaakt doordat Gerald geslagen werd, begonnen de testjes. Daaruit bleek al snel dat Gerald hemofilie had. Lees hier meer over deze ziekte.

Als klein jochie al ondervond Gerald de nadelen en beperkingen die bij zijn ziekte kwamen kijken. Hij wou graag voetballen, maar dat mocht niet. Hij wou graag gymen op school, maar dat mocht ook niet. Hij wou graag net zo zijn als de andere jongetjes, maar dat ging niet. Het ziekenhuis zag hij in sommige periodes vaker dan zijn eigen slaapkamer en de tralies rondom het ziekenhuisbed bezorgden hem nachtmerries.

De eigenwijze tiener

Als tiener had Gerald zich voorgenomen de periodes die hij niet in het ziekenhuis doorbracht zo goed mogelijk te benutten. Hij wilde ook graag doen wat zijn leeftijdsgenoten deden; op stap gaan, avonturen beleven, nieuwe vrienden maken, vriendinnetjes wellicht. Gerald wilde gewoon net zoals iedereen op die leeftijd het leven gaan ontdekken. Door zijn lichamelijke beperkingen ging dat echter niet vanzelf. Uitgaan was te gevaarlijk, fietsen ging nauwelijks en door de lange periodes in het ziekenhuis kreeg hij geen aansluiting bij een (h)echte vriendengroep. Maar zo nu en dan ging hij toch carnaval vieren, naar de bioscoop of naar een feestje. Die eigenwijsheid kwam hem wel eens duur te staan als hij daarbij ten val kwam, en dagen of zelfs weken moest herstellen. Diezelfde eigenschap leverde hem echter ook de liefde van zijn leven op. Tijdens een feestje van zijn neef Theo kwam hij Ilonka tegen en verloor haar sinds die dag niet meer uit het oog.

Ook op school kon Gerald door ziekenhuisopnames vaak niet aanwezig zijn. Toch rondde hij de MAVO keurig in 4 jaar af. Daarna werd het lastiger. Vele opties voor een vervolgstudie vielen af omdat het vanwege zijn handicap niet mogelijk was om daadwerkelijk in de betreffende sector aan de slag te gaan. Gerald had bijvoorbeeld de vurige wens om dokter te worden, of anders verpleger, maar beide behoorde vanwege de fysieke belasting niet tot de mogelijkheden. Uiteindelijk koos hij voor de opleiding Detailhandel, voornamelijk omdat hij graag een eigen bedrijfje wilde opzetten.

Vanwege de vele ziekenhuisopnames in die periode kon hij die studie niet afronden. Een belangrijke fase brak aan. Gerald kreeg inmiddels ook een Wajong-uitkering. Dat deed hem echter weinig, want hij wilde werken voor zijn geld. De uitkering hoefde hij niet en dus meldde bij het UWV dat deze stopgezet kon worden. Verbaasd gaf men daar gehoor aan. Gerald was immers voor 80/100% afgekeurd en hem werd voorspeld nooit meer te kunnen werken. ‘Waar een wil is, is een weg’, aldus Gerald.

Thuis deed hij al de boekhouding en facturering voor het bedrijf van zijn vader Sjaak. Dit zette hij voort door bij een accountantskantoor aan de slag te gaan in de administratie. Vervolgens werkte hij ook nog kort bij een assurantie kantoor. Zowel hier als in de varkenshandel van zijn vader kwam Gerald met zijn werklust tot steeds meer taken. Het was niet eenvoudig om met zijn atypische loopstijl bij vreemden naar binnen te lopen en acquisitie te voeren. Altijd als hij ergens naar binnen liep voelde hij de starende blikken op zich gericht. Iedereen moest toch wel even kijken naar ‘die man die zo raar loopt’. Gerald merkte dat hij die aandacht ook om kon zetten in gesprekken met klanten, en misschien al 1-0 voor stond bij binnenkomst. Hij had immers de aandacht al op zich gevestigd. Zijn zelfvertrouwen groeide nog meer toen hij merkte dat hij ook de 2 en 3-0 op het scorebord kon zetten in de gesprekken met varkensboeren.

In de voetsporen van zijn vader

Het was duidelijk dat Gerald hiermee zijn (eerste) roeping had gevonden. In de jaren 90 begon hij een eigen bedrijfje in de varkenshandel en daarmee had hij definitief gekozen voor deze bedrijfstak. Hij kocht varkens in en exporteerde deze naar Duitsland. Niet veel later, in 1997, nam hij ook de varkenshandel van zijn vader over. Gerald bouwde snel een groot netwerk op en was daarmee voor velen jaren vertrokken in het wereldje van de varkens. Zelf kon hij ze niet transporteren, dus huurde hij werknemers in voor op de vrachtwagens. Zijn hondstrouwe chauffeurs werkten natuurlijk hard voor de inmiddels bekende (mank-lopende) varkenshandelaar uit Herpen.

Tegenslagen waren er uiteraard ook. De varkenspest kwam, net na de aankoop van een nieuwe vrachtwagen, op een vervelend moment. Daarnaast was er een grote financiële terugslag door een dubieuze debiteur, waardoor een faillissement dichtbij kwam. Gerald overleefde, maar enkele jaren later ging hij toch in op een kans om zijn bedrijf te verkopen. Financieel was het altijd aanpoten geweest en deze mogelijkheid zorgde voor meer zekerheid op de lange termijn.

Huisje, boompje, belletje

Inmiddels waren Gerald en zijn vrouw Ilonka de trotse ouders van Jochem en Jelco geworden. Gerald was met zijn eigen bedrijf non-stop aan het werk. Hij kocht een van de eerste mobiele telefoons (zo groot als een koelkast) om overal en altijd bereikbaar te zijn voor zijn klanten. Het werd steeds drukker en het beeld van een bellende Gerald was niet meer weg te denken voor zijn gezin, vrienden en familie. Toen hij in 2001 een financieel aantrekkelijke kans kreeg, besloot hij weloverwogen om het bedrijf te verkopen. Hij trad daarmee in loondienst en bleef hetzelfde werk doen, maar dan voor een werkgever. Het door zijn vader opgezette bedrijf hield daardoor op te bestaan, maar die pijn werd verzacht door de voordelen die het bood voor Gerald. Hij had plotseling werktijden van 9 tot 5 en hoefde niet meer altijd zijn telefoon op te nemen. De telefoon bleef echter als een magneet aan hem kleven en had altijd de neiging om af te gaan en ook opgenomen te worden. Slechts één dagdeel in de week was hier een uitzondering op; de vrijdagavond.

De term ‘vrije tijd’ deed zijn intrede in het leven van de kale varkenshandelaar uit Herpen. Ook in de drukke jaren was hij bijna non-stop zijn grootste passie blijven uitoefenen, door op de vrijdagavond alles op zij te zetten voor de sport tafeltennis. Na de verkoop van zijn bedrijf kreeg hij ook in het weekend meer tijd. Stil zitten was er uiteraard niet bij en dus ging hij op pad met zijn zoons die hij inmiddels ook achter de tafeltennistafel had gekregen. Eerst met zijn oudste zoon Jochem en later met de jongere Jelco. Naast het coachen tijdens de wedstrijden ging Gerald ook al snel training geven bij zijn eigen club. Achteraf was dit het begin van een nieuwe succesvolle carrière.

Opnieuw veranderingen

Ook voor de vakanties en uitjes met het gezin en zijn vrouw kwam steeds meer tijd. Het gezin van Grunsven was inmiddels al een tijdje verhuisd naar het ouderlijk huis van Gerald aan de Berghemseweg in Herpen (Koolwijk). Naarmate de kinderen ouder werden, brachten Gerald en Ilonka steeds meer tijd met elkaar door. Gerald had zijn leven optimaal ingericht en genoot steeds meer van zowel zijn gezin als van het tafeltennis. Een nieuwe tegenslag kwam er echter toen hij hoorde dat hij het slachtoffer werd van een ontslagronde bij zijn werkgever. Hij moest dat ook nog eens een half jaar verzwijgen voor de buitenwereld. Iets wat hem ontzettend veel pijn en moeite heeft gekost. Ook van deze tegenslag werd hij sterker en vond in een groot transportbedrijf van Vee en varkens zijn nieuwe baan. Hij voelde dat hij zich opnieuw moest bewijzen en ging daardoor ook weer zelf de varkensstallen in. Het sjouwen met de dieren was een extra belasting voor zijn gewrichten. Met name de knieën konden deze extra inspanningen niet meer aan.

Op 15 Juli 2013 had zijn linkerknie er genoeg van. Een nieuwe periode in het leven van Gerald brak hiermee aan. Een zware periode met fysieke tegenslagen, maar Gerald zou Gerald niet zijn, als hij vanuit die zware tegenslagen weer de mogelijkheid voor nieuwe kansen zag. Tokyo 2020 is de ultieme kans die hieruit ontstaan is.